Wat kost het om Prins Carnaval te zijn? Het Brabants Dagblad geeft antwoord en vroeg het ook aan Prins Djarek I en Prinses Senne I.
Hoe duur is het om prins carnaval te zijn? ‘Die verhalen over 10.000 euro kloppen echt niet’
Het is een eer om gekozen te worden tot prins of prinses carnaval. Maar behalve tijd en energie kan het je ook aardig wat geld kosten, voor kleding, drank en cadeautjes. „Ik ken die verhalen ook dat je 10.000 euro mee moet brengen. Niks van waar.”
Ze werd ervoor gewaarschuwd, maar dat kwam van mensen die niet van de hoed en de rand wisten. „Die zeiden dat ik een flinke zak geld mee moest nemen om prins van het Ossenkoppenrijk te worden.” Mariëlle Henzen-Van Boekel, de eerste vrouwelijke stadsprins van Oss, wist beter. „Het zou me 10.000 tot 20.000 euro kosten, werd er gezegd. Maar dan was ik nooit prins geworden. Ik heb er best wat voor over, maar het moet ook weer niet te gek worden.”
Henzen, die in het carnavalsseizoen 2013-2014 vooropging in het Osse feestgedruis, kijkt nog steeds met groot genoegen terug op dat jaar. „Onbetaalbaar.” Maar als ze terugkijkt en rekent, heeft het feestje haar toch nog wel wat gekost. Ze schat tussen de 3000 en 4000 euro. Geld dat opging aan feestjes voor de Raad van Elf, vooral extra kleding en cadeautjes voor onder andere de prinsengarde. „Maar het bleef aardig binnen de perken.”
Dit weekend beleeft het carnaval zijn hoogtepunt. De prins of prinses staat de komende dagen voortdurend in het centrum van het feestgedruis. Ze gaan voorop in de optocht, gestoken in een rokkostuum, met een steek en een zwiepende fazantenveer op het hoofd. De prins is werkelijk overal en geeft cadeautjes, versieringen en de nodige biertjes of andere drankjes weg.
Maar moet hij of zij dat allemaal zelf betalen? Dat verschilt nogal per stad of dorp. Er zijn nog altijd carnavalsplaatsen waar de prins de goedgevulde buidel moet trekken, voor kleding, afterparty’s, presentjes en borrels. Daar is de prins vaak een geslaagd ondernemer of anderszins beschikkend over een dikke portefeuille.
Zelfs schoenen vergoed
In steeds meer plaatsen draaien carnavalsverenigingen en sponsors op voor de kosten die de prins moet maken. Zij betalen onder meer het rokkostuum, de steek en andere kledij. In het Moesland (Schaijk) worden zelfs de schoenen vergoed. En bijna overal kan de prins met zijn gevolg in een prinsenmobiel stappen, beschikbaar gesteld door een plaatselijk autobedrijf.
Maar dan nog moet de prins rekening houden met een aardige kostenpost. Djarek van den Hoogen, in 2023 de heerser van het Moesland, schat die op zo’n 3000 tot 4000 euro. „Alleen al 1000 euro aan confetti”, zegt hij lachend, „want ik wilde wel graag mijn eigen stempel op het carnaval drukken.” Ook trok hij de beurs om de studio te betalen waarin hij zijn prinsenlied opnam.
„Maar je kunt het verder zo gek maken als je wilt”, zegt Djarek d’n Urste, die tijdens de sleuteloverdracht op het provinciehuis verschillende andere prinsen sprak. „Ik hoorde toen dat er plaatsen zijn waar de prins zijn eigen kleding moet betalen. Ik vind dat eigenlijk volledig strijdig met de carnavalsgedachte. Met carnaval is iedereen gelijk en dus mag geld geen barrière zijn om mee te doen.”
De ‘cowboyverhalen’ over kosten die flink de spuigaten uitlopen, kent ook Jan van Schadewijk, in 2023 prins van het Schottelzakkenrijk. „Wij hebben hier eens een prins gehad die iedereen in het nieuw stak. Maar mij niet gezien. Ik heb een paar honderd euro uitgegeven aan wat kratjes bier. Daar is het wel zo’n beetje bij gebleven. O ja, ik heb ook nog wel eens een rondje gegeven.”
Zelfs de ‘nazit’ met gebakken eieren en broodjes kreeg de Demense prins bekostigd door plaatselijke ondernemers. „Ik kreeg zelfs van de slager zo’n grote pan te leen. Ik vind dat mooi. Want als je er zelf veel geld in steekt, willen anderen je ook weer evenaren of voorbijstreven. Maar het moet allemaal ook leuk zijn voor de prins die jou opvolgt.”
Meermaals eieren gebakken
Ook Udenaar Roland van de Laak, oud-prins van het Knoerissenrijk, heeft meermaals eieren gebakken voor zijn feestende gevolg. Als gevolg van de corona-epidemie regeerde hij in ’20, ’21 en 2023 over de Knoerissen. „We hadden ook naar een 5-sterrentent kunnen gaan. Maar dat heeft met carnaval al helemaal geen toegevoegde waarde. Carnaval is een volksfeest en dan mag geld eigenlijk geen rol spelen.”
Van de Laak, bekend als Prins Porcellus de 55ste, heeft zijn rokkostuum zelf moeten bekostigen. „En dat valt wel mee. De Knoerissen doen ook niet aan zo’n ingewikkeld pofding. Die zijn een stuk duurder.” Inmiddels heeft hij zijn agenda voor de komende dagen alweer lekker gevuld. „Dat wordt weer zwaar genieten.” Lachend: „En ik vrees dat ik dit jaar meer uit zal geven dan in die jaren dat ik prins was.”
Bron: Brabants Dagblad

